Het Basilius college zingt The evening primrose, gecomponeerd door Benjamin Britten.  


Als eenmaal de zon weer ten onder gaat,
en de avond in paarlen dauwketting staat;
Dan, zo stil als begeleidend sterrenlicht kan zijn,
Toont de teunisbloem haar bloesem weer fijn
Zo bloeit ze maar voort tijdens de nacht;
En als de dag weer kijkt met volle kracht
verbleekt ze, ze kan hem niet ontgaan, die blik, ze verwelkt en is vergaan.


De lezing van vandaag is genomen uit de profeet Jesaja, hoofdstuk 40, vanaf vers 1.


Troost, troost mijn volk, zegt jullie God. Spreek Jeruzalem moed in, maak haar bekend dat haar slavendienst voorbij is, dat haar schuld is voldaan, omdat zij een dubbele straf voor haar zonden uit de hand van de HEER heeft ontvangen. Hoor, een stem roept: ‘Baan voor de HEER een weg door de woestijn, effen in de wildernis een pad voor onze God. Laat elke vallei verhoogd worden en elke berg en heuvel verlaagd, laat ruig land vlak worden en rotsige hellingen rustige dalen. De luister van de HEER zal zich openbaren voor het oog van al wat leeft.
De HEER heeft gesproken!’ Hoor, een stem zegt: ‘Roep!’ En een stem antwoordt: ‘Wat zou ik roepen? De mens is als gras, hij bloeit als een veldbloem. Het gras verdort en de bloem verwelkt wanneer de adem van de HEER erover blaast. Ja, als gras is dit volk.’ Het gras verdort en de bloem verwelkt, maar het woord van onze God houdt altijd stand. Beklim een hoge berg, vreugdebode Sion, verhef je stem met kracht, vreugdebode Jeruzalem, verhef je stem, vrees niet. Zeg tegen de steden van Juda: ‘Ziehier jullie God!’


‘Het gras verdort’, vertelt deze passage, ‘de bloem verwelkt. Maar hier wordt iets beloofd dat niet verdort of verwelkt - wat is dat?


Deze woorden lijken troost en verzoening te bieden. De zonde is uitgeboet. De schuld betaald. Opnieuw een propere lei. Op welke wijze - of in welke gebieden van mijn leven - verlang ik dat dit zou gebeuren?


Ik luister nu opnieuw naar de passage. Hoe versta ik deze woorden? Wat is de betekenis van deze lezing voor mij? Wat belooft God hier volgens mij?


‘Baan voor de Heer een weg.’ Deze woorden zijn aan mij gericht. Kan ik nu tot God spreken over wat van mij gevraagd wordt? Wat zou mijn rol kunnen zijn in het banen van een weg voor de Heer deze dagen?