Choir18 zingt het Agnus Dei.

‘Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld, ontferm U over ons.’




De lezing is genomen uit het Evangelie volgens Johannes, hoofdstuk 1, vanaf vers 35.


De volgende dag stond Johannes er weer met twee van zijn leerlingen. Toen hij Jezus voorbij zag komen, zei hij: ‘Daar is het lam van God.’ De twee leerlingen hoorden wat hij zei en gingen met Jezus mee. Jezus draaide zich om, en toen hij zag dat ze hem volgden, zei hij: ‘Wat zoeken jullie?’ ‘Rabbi,’ zeiden zij tegen hem (dat is in onze taal ‘meester’), ‘waar logeert u?’ Hij zei: ‘Kom maar mee, dan zul je het zien.’ Ze gingen met hem mee en zagen waar hij onderdak had gevonden; het was ongeveer twee uur voor zonsondergang en ze bleven die dag bij hem. Een van de twee die gehoord hadden wat Johannes zei en Jezus gevolgd waren, was Andreas, de broer van Simon Petrus. Vlak daarna kwam hij zijn broer Simon tegen, en hij zei tegen hem: ‘Wij hebben de messias gevonden’ (dat is Christus, ‘gezalfde’), en hij nam hem mee naar Jezus. Jezus keek hem aan en zei: ‘Jij bent Simon, de zoon van Johannes, maar voortaan zul je Kefas heten’ (dat is Petrus, ‘rots’).


“Wat zoeken jullie?”, vraagt Jezus aan deze twee leerlingen. Het is een vraag die Hij op een bepaald moment stelt aan elk van zijn leerlingen. Ook aan jou. Dus, verwijl even bij deze vraag. “Wat zoek je?”


Luister opnieuw naar deze paar verzen uit het Johannes volgens Evangelie.. Misschien overweeg je nu graag hoe Jezus zo’n grote indruk kon maken op deze twee leerlingen van Johannes de Doper. Wat kan Hij gezegd hebben? Waarom waren zij overtuigd dat Hij de Messias was, de Ene die Israël zou bevrijden. Wat was er aan Hem?


Zet het gesprek  voort dat Jezus met jou eerder begonnen is. Vertel Hem wat je aan het zoeken bent. Hoe zou Hij  jou antwoorden?