







Denk niet dat Ik gekomen ben om de Wet of de Profeten af te schaffen. Ik ben niet gekomen om ze af te schaffen, maar om ze tot vervulling te brengen. Ik verzeker jullie: zolang de hemel en de aarde bestaan, blijft elke jota, elke tittel in de wet van kracht, totdat alles gebeurd zal zijn. Wie dus ook maar het minste van deze geboden afschaft en aan anderen leert datzelfde te doen, zal als de minste worden beschouwd in het koninkrijk van de hemel. Maar wie ze onderhoudt en dat aan anderen leert, zal in het koninkrijk van de hemel in hoog aanzien staan. Want Ik zeg jullie: als jullie gerechtigheid niet groter is dan die van de schriftgeleerden en de farizeeën, zullen jullie zeker het koninkrijk van de hemel niet binnengaan.
Jullie hebben gehoord dat destijds tegen het volk is gezegd: “Pleeg geen moord. Wie moordt, zal zich moeten verantwoorden voor het gerecht.” Dit zeg Ik daarover: ieder die in woede tegen zijn broeder of zuster tekeergaat, zal zich moeten verantwoorden voor het gerecht. Wie hen voor nietsnut uitmaakt, zal zich moeten verantwoorden voor het Sanhedrin. Wie “Dwaas!” zegt, zal voor het vuur van de Gehenna komen te staan. Wanneer je dus je offergave naar het altaar brengt en je je daar herinnert dat je broeder of zuster jou iets verwijt, laat je gave dan bij het altaar achter; ga je eerst met die ander verzoenen en kom daarna je offer brengen. Leg een geschil snel bij, terwijl je nog met je tegenstander onderweg bent, anders levert hij je uit aan de rechter, draagt de rechter je over aan de gerechtsdienaar en word je gevangengezet.
Ik verzeker je: dan kom je niet vrij voor je ook de laatste cent betaald hebt. Jullie hebben gehoord dat gezegd werd: “Pleeg geen overspel.” Dit zeg Ik daarover: iedereen die naar een vrouw kijkt en haar begeert, heeft in zijn hart al overspel met haar gepleegd. Als je rechteroog je ten val brengt, ruk het dan uit en werp het weg. Je kunt immers beter een van je lichaamsdelen verliezen dan dat heel je lichaam in de Gehenna geworpen wordt. En als je rechterhand je ten val brengt, hak hem dan af en werp hem weg. Je kunt immers beter een van je lichaamsdelen verliezen dan dat je met je hele lichaam naar de Gehenna gaat.
Er werd gezegd: “Wie zijn vrouw verstoot, moet haar een scheidingsbrief meegeven.” Dit zeg Ik daarover: ieder die zijn vrouw verstoot om een andere reden dan ontucht, drijft haar tot overspel; en ook wie trouwt met een verstoten vrouw, pleegt overspel.
Jullie hebben ook gehoord dat destijds tegen het volk werd gezegd: “Leg geen valse eed af en houd je aan de eden die je voor de Heer gezworen hebt.” Dit zeg Ik daarover: zweer helemaal niet, noch bij de hemel, want dat is de troon van God, noch bij de aarde, want dat is zijn voetenbank, noch bij Jeruzalem, want dat is de stad van de grote koning; zweer evenmin bij je eigen hoofd, want je kunt nog niet één van je haren wit of zwart maken. Laat jullie ja ja zijn, en jullie nee nee; wat je daaraan toevoegt komt voort uit het kwaad.
«Die Schöpfung (opgenomen t.b.v. Bidden Onderweg)» © Eigen opname Bidden Onderweg
Je luistert naar een fragment uit Dieschöpfung van Franz Joseph Haydn.
Gun jezelf even de tijd om tot rust te komen. Je kan je ogen sluiten, je enkele ogenblikken op je ademhaling concentreren of nog iets anders wat je helpt om stil te worden.
De lezing van vandaag is genomen uit het Evangelie volgens Matteüs, hoofdstuk 5, vanaf vers 17.
Jezus wil niet dat zijn volgelingen bange vogeltjes zijn. Hij roept hen op om zelfverzekerde mensen te zijn, niet bang om ergens voor te staan en mee te tellen.
Kijk terug op de afgelopen week. Heb je iemand ontmoet die indruk op je maakte door zijn of haar openheid of eerlijkheid? Of misschien was er wel iemand, wiens onbevreesd handelen of spreken over wat hij of zij gelooft, jou imponeerde.
Jezus vraagt zijn volgelingen niet om aandacht te vestigen op zichzelf, maar zich te richten op onze hemelse Vader. Kijkend naar je eigen leven, zie je dan dingen waarover je eerlijker en onbevreesder zou moeten zijn? Wanneer je de lezing nogmaals beluistert, overdenk dan wat het voor jou betekent om ‘het zout der aarde’ te zijn.
Kun je God nu vragen om de genade en kracht om het ‘zout der aarde’ en het ‘licht van de wereld’ te zijn?