





Wie mijn geboden kent en zich eraan houdt, heeft Mij lief. Wie Mij liefheeft zal de liefde van mijn Vader en Mij ontvangen, en Ik zal mij aan hem bekendmaken.’ Toen vroeg Judas (niet Judas Iskariot) aan Jezus: ‘Waarom zult U zich wel aan ons, maar niet aan de wereld bekendmaken, Heer?’ Jezus antwoordde: ‘Wanneer iemand Mij liefheeft zal hij zich houden aan wat Ik zeg, mijn Vader zal hem liefhebben en mijn Vader en Ik zullen bij hem komen en bij hem wonen. Maar wie Mij niet liefheeft, houdt zich niet aan wat Ik zeg, en wat jullie Mij horen zeggen, zijn niet mijn woorden, maar de woorden van de Vader, door wie Ik gezonden ben. Dit alles zeg Ik tegen jullie nu Ik nog bij jullie ben. Later zal de pleitbezorger, de heilige Geest, die de Vader jullie in mijn naam zal zenden, jullie alles duidelijk maken en alles in herinnering brengen wat Ik tegen jullie gezegd heb.
De gemeenschap van Taizé zingt het lied My Peace.
Heer, U bent bij mij. Meer nog, U bent in mij. Geef me dat ik uw aanwezigheid mag voelen. Geef dat ik mag luisteren naar U. Geef mij uw rust, uw hoop, uw vertrouwen.
De lezing van vandaag is uit het Evangelie volgens Johannes, hoofdstuk 14, vanaf vers 21.
Toen Ignatius van Loyola in de 16e eeuw, zich niet bewust van Gods vrijgevigheid en helemaal opgaand in zijn streven om volmaakt te worden in Gods oog, van een oudere vrouw te horen kreeg “Moge onze Heer Jezus Christus u op een goede dag verschijnen!”, schrok hij daarvan en vroeg zich af “Hoe zou onze Heer Jezus Christus aan mij kunnen verschijnen?”
Vandaag kan ik mijzelf hier en nu dezelfde vraag stellen. Waar bespeur ik dat Gods handelen, Christus’ aanwezigheid mijn leven vorm geven? Hoe hoop ik te leren wat ik moet doen om de liefde van Christus, voor degenen die Hem volgen, te beantwoorden? Hoe kan mijn leven een plek zijn vanwaar Gods vrijgevigheid en zijn liefde zich verspreiden?
Kijk of het opnieuw beluisteren van de lezing je een gevoel geeft voor de aanwezigheid van de verrezen Christus in je leven – iets wat de heilige Geest je te binnen wil brengen.
Spreek in de ogenblikken die nog overblijven met God over wat er in je op is gekomen. Praat met Hem over de manier waarop je hoopt dat je de komende dag bij God thuis zult zijn en dat Hij van zijn kant bij jou thuis zal zijn in alles wat je doet en in al je contacten met wie je zult ontmoeten.