






Ook de verzamelde menigte keerde zich tegen Paulus en Silas, waarna de stadsbestuurders hun de kleren van het lijf lieten scheuren en bevel gaven hen met stokslagen te straffen. Nadat ze een groot aantal slagen hadden gekregen, werden ze opgesloten in de gevangenis, waar de gevangenbewaarder opdracht kreeg hen streng te bewaken. Overeenkomstig dit bevel bracht hij hen naar de binnenste kerker en sloot hun voeten in het blok.
Om middernacht waren Paulus en Silas aan het bidden en zongen ze lofliederen voor God. De andere gevangenen luisterden aandachtig naar hen. Plotseling deed zich een hevige aardschok voor, zodat de gevangenis op haar grondvesten trilde; alle deuren sprongen open en bij iedereen schoten de boeien los. De gevangenbewaarder schrok wakker, en toen hij zag dat de deuren van de gevangenis openstonden, trok hij zijn zwaard om zelfmoord te plegen, want hij dacht dat de gevangenen ontsnapt waren. Maar Paulus riep hem luidkeels toe: ‘Doe uzelf niets aan, we zijn immers nog allemaal hier!’ De bewaarder vroeg om een fakkel, rende naar binnen en viel bevend voor Paulus en Silas op de grond. Hij bracht hen naar buiten en vroeg: ‘Heren, wat moet ik doen om gered te worden?’ Ze antwoordden: ‘Geloof in de Heer Jezus en u zult gered worden, u en uw huisgenoten.’ En ze verkondigden de boodschap van de Heer aan hem en aan iedereen die bij hem woonde. Hoewel het midden in de nacht was, nam hij hen mee en maakte hun wonden schoon. Meteen daarna werden hij en zijn huisgenoten gedoopt. Hij bracht hen naar zijn woning en zette hun daar een maaltijd voor. Hij en al zijn huisgenoten waren buitengewoon verheugd dat zij nu in God geloofden.
«A Classical Journey with Bach» © Buma/Stemra Buma/Stemra
«Harp vol. 1» © Buma/Stemra Buma/Stemra
Je luistert naar het lied Gottes Zeit ist die allerbeste Zeit, gecomponeerd door Johann Sebastian Bach.
Waar je ook mee bezig bent, schuif het even terzijde. Open je hart, open je ziel, open je lichaam voor God. Hij wacht op je. Hij ziet jou. Hij houdt van jou.
De lezing komt uit de Handelingen van de Apostelen, hoofdstuk 16, vanaf vers 22.
In deze lezing komen we twee heel krachtige beelden tegen – een gevangenis en een aardbeving. Waar staat de gevangenis voor? Verlies van vrijheid, natuurlijk. Maar met betrekking tot mijn leven doet het me misschien denken aan momenten waarop ik gewoon niet in staat was om te doen wat ik wilde. Werd ik beperkt door de acties van andere mensen? Of misschien door mijn eigen zwakheid, verlegenheid, angst?
En wat te denken van de aardbeving? Waar staat dat voor? Misschien zijn er tijden geweest in mijn leven waarin iets de fundamenten van mijn leven bedreigde? Misschien het einde van een relatie, een persoonlijke ramp, een tijd waarin ik werd verraden door iemand dicht bij mij. Kan ik me herinneren hoe dat voelde?
Als je opnieuw luistert naar de passage, luister dan speciaal naar de stemmen: Paulus en Silas zingen hun liederen, de gevangenen zitten te luisteren naar Paulus en Silas – misschien vinden ze wat rust en troost. Luister vervolgens, in het midden van de aardbeving, naar de stem van Paulus: “We zijn allemaal hier.” Opnieuw een stem van geruststelling, de stem van iemand die weet dat niets de vrede die God geeft kan verstoren.
Wie is in jouw leven die stem van troost en geruststelling geweest? Misschien een vriend die een vaste rots was toen jouw innerlijk werd verstoord en in rep en roer was. Wanneer je je deze persoon herinnert, dank God dan voor hem of haar.