





Hoe meer u deel hebt aan Christus’ lijden, des te meer moet u zich verheugen, en des te uitbundiger zal uw vreugde zijn wanneer zijn luister geopenbaard wordt. Als u gehoond wordt omdat u de naam van Christus draagt, prijs u dan gelukkig, want dat betekent dat de Geest van God in al zijn luister op u rust. Laat niemand van u moeten lijden omdat hij een moordenaar is, een dief, misdadiger of onruststoker. Maar als u lijdt omdat u christen bent, schaam u dan niet en draag uw lot tot Gods eer.
«Opgenomen t.b.v. Bidden Onderweg» © Eigen opname Bidden Onderweg
Toonkunstkoor Amsterdam zingt het lied Jesu Richte Mein Beginnen, gecomponeerd door Johann Sebastian Bach.
Heer, U kent mij. U weet wat er zich in mij afspeelt. U weet wat ik nodig heb, nog voor ik het zeg. Laat mij dicht bij U zijn. Leer mij op U te vertrouwen.
De lezing van vandaag komt uit de eerste brief van Petrus. Hoofdstuk 4 vanaf vers 13.
Deze woorden zijn geschreven voor een groep christenen voor wie vervolging zeer reëel is geworden. Hun levenswijze is op een pijnlijke manier in strijd met de machthebbers. Ze staan wellicht onder druk om hun geloof af te vallen in ruil voor vrijwaring van vervolging. Ons leven mag dan ver van dat van hen af staan, maar gebeurt er iets dergelijks in mijn leven, bijvoorbeeld in mijn werkomgeving?
Is het zo dat ik uitgelachen of veracht word als ik mijn eerlijkheid probeer te bewaren? Verlamt het me, als ik niet meega met een aantal van de dingen die gaande zijn? Is het ooit zover gekomen dat het moeilijk was om naar het werk te gaan, en dat het werken hierdoor een beproeving was? Misschien maak ik nu wel zoiets mee thuis of in mijn vriendenkring?
Luister opnieuw naar de lezing, en kijk vooral of de laatste regel van de lezing je leven op een bepaalde manier raakt.
Zou ik nu mijn vertrouwen in God kunnen stellen en God vragen me te helpen om het goede te blijven doen?