






U ziet dus dat zij die geloven kinderen van Abraham zijn. En de Schrift, die voorzag dat God ook de andere volken door geloof rechtvaardig zou verklaren, verkondigde het evangelie al lang tevoren aan Abraham: ‘In jou zullen alle volken gezegend worden.’ En dus wordt iedereen die gelooft samen met Abraham, de gelovige, gezegend. Maar wie zijn vertrouwen stelt in het naleven van de wet, leeft onder een vloek, want er staat geschreven: ‘Vervloekt is eenieder die zich niet houdt aan alles wat in het boek van de wet geschreven staat.’ Dat niemand voor God als rechtvaardig geldt omdat hij de wet naleeft, is volkomen duidelijk, want ‘de rechtvaardige zal leven door geloof’. Bij de wet daarentegen gaat het niet om geloof, want er staat: ‘Wie doet wat de wet voorschrijft, zal leven.’ Christus heeft ons vrijgekocht van de vloek van de wet door voor ons vervloekt te worden, want er staat geschreven: ‘Vervloekt is ieder mens die aan een paal hangt.’ Zo zouden in Christus Jezus alle volken delen in de zegen van Abraham en zouden wij, zoals is beloofd, door geloof de Geest ontvangen.
Je luistert naar Dona la pace gezongen door de gemeenschap van Taizé.
Alles wat je bezig houdt mag nu even rusten. Je hoeft niets te bewijzen, niets te presteren. Je mag er gewoon zijn — in Gods liefdevolle aanwezigheid.
De lezing van vandaag is genomen uit de brief van Paulus aan de Galaten, hoofdstuk 3, vanaf vers 7.
Evenals in de lezing van gisteren benadrukt Paulus ook vandaag weer het belang van geloof, en niet de wet, als de kern van christelijk leven. En hij zegt dat wij die geloven kinderen van Abraham zijn - niet door het bloed, maar door het geloof - omdat wij geloofden zoals hij geloofde. Wat betekent het voor jou om zoon of dochter van Abraham genoemd te worden? - dat Abraham jouw ’vader in het geloof’ is?
Paulus kon hier nauwelijks sterker uitdrukken hoe afkerig hij is van een wet die opgelegd wordt aan mensen – van een bepaald soort gedrag, een bepaalde lijst van regels, die tot het begin en eind van alles wordt gemaakt. ‘Nee’, zegt hij, ‘het enige wat er toe doet is geloof’. Wat doet deze boodschap met jou? Daagt hij je uit? Bevrijdt hij je? Iets anders?
Luisterend naar Paulus’ woorden zou je daarin fouten kunnen ontdekken; je zou kunnen denken dat hij een bepaalde zienswijze teveel benadrukt. Wellicht. Maar wanneer je ze nogmaals hoort, wat is dan de kern van zijn boodschap? Welk punt wil hij maken, welke waarheid wil hij dat we ten volle begrijpen?
Welke gevoelens hebben de woorden die je hoorde in jou opgewekt? Sta je misschien een beetje perplex door Paulus’ zienswijze? Ben je misschien opgelucht of juist bezorgd over je eigen geloof? Wat ook je gevoelens zijn, breng ze nu voor de Heer: spreek met Hem van vriend tot vriend.