Een verbijsterende gebeurtenis

Toonkunstkoor Amsterdam zingt Cum sancto Spiritu, uit Une petite messe sollenelle van Rossini.

Nu je deze gebedstijd ingaat, probeer te luisteren naar wat er leeft in jou. Wat voel je? Wat verlang je? Is er iets dat je God nu wil vragen?

De veertigdagentijd is de tijd bij uitstek om even stil te staan en allerlei dingen te overpeinzen, om aandachtiger en misschien langzamer te lezen. In de afgelopen week is Jezus ons op verschillende manieren voor ogen gebracht. Hij heeft ons geleerd tot de Vader te bidden op een uiterst eenvoudige en diepzinnige manier. Dat je voor Jezus niet bang hoeft te zijn en dat Hij werkelijk de door God gezonden Messias is.

Hij verlangt van ons dat wij Hem volgen, ook al maken we ons daarmee niet populair. Laat mij nu halt houden en diep in mijzelf kijken. Laat mij, wanneer dit verhaal uit Matteüs wordt verteld, de roepstem van Jezus horen om Hem te volgen.

De lezing van vandaag is uit het Evangelie volgens Matteüs, hoofdstuk 17, vanaf vers 1.

Beeld je in dat jij de vijfde bent die de berg opgaat met Jezus voorop. Petrus naast Hem, daarna Jacobus en Johannes. De laatste dagen en weken waren verbijsterend. Iets dergelijks is jou en de anderen nog niet overkomen. In een korte tijd ben je zover gekomen dat je werkelijk gelooft dat Jezus Gods Messias is, de Gezalfde, Hij die Gods koninkrijk tot een werkelijkheid maakt op aarde zoals in de hemel. Maar hoe gaat dit gebeuren? Wat betekent dit?

En dan gebeurt er iets anders. Jezus spreekt met twee mannen. Dan zegt Petrus: ‘Dit is het! Dit is geweldig! Laat ons hier altijd blijven! We kunnen hier drie tenten opslaan, een voor U, Jezus, een voor Mozes en een voor Elia!’. Hier is de hemel op aarde, hemel en aarde komen eindelijk bij elkaar. En dan klinkt er een stem. De mensen zeiden dat ze een stem hoorden toen Jezus werd gedoopt door Johannes en nu is die stem er weer. ‘Dit is mijn geliefde Zoon, in Hem vind ik vreugde. Luitster naar Hem!’ Beeld je je dit alles in? Neen, je hebt het zelf gehoord, je stond bevend op je benen van pure schrik. Toen was het plotseling voorbij. Alleen Jezus was er nog. Praat er met niemand over, zegt Hij, ‘tot de Mensenzoon uit de dood is opgewekt.’

Dit was in de eerste eeuw even verbijsterend en verwarrend als het voor ons is, wij die dit verhaal lezen. Maar wat gaat er door je heen wanneer dit allemaal gebeurt? Waar ben je geraakt in je hart?

Wanneer deze evangelietekst opnieuw wordt gelezen, probeer dan te luisteren en je voor te stellen wat Jezus, Mozes en Elia elkaar te zeggen hebben.

Laat mij de Heer Jezus, Zoon van de levende God vragen, mij zijn glorie te laten zien en mij oren te geven om te luisteren naar wat Hij mij heeft te zeggen.