Confronterende woorden van Jezus

Het Hobbema pianotrio speelt opus 50 van Pjotr Iljitsj Tsjaikovski.

Heer, U bent hier, diep in mijn hart. Op dit moment, op deze plaats, in deze ademhaling. Maak mij stil. Geef mij rust en vertrouwen. Laat mij luisteren naar U. Heer, leer mij bidden.

De lezing is genomen uit het Evangelie volgens Matteüs, hoofdstuk 23, vanaf vers 27.

Terwijl ik luisterde naar de lezing van vandaag, merkte ik dat ik hoopte op woorden van bemoediging en inspiratie. Maar net als in het eerste deel van deze harde boodschap van Jezus, die we gisteren hoorden, is ook hier geen "goedgevoelboodschap" te vinden. Jezus brengt een taaie boodschap. Hij beschuldigt zijn luisteraars hartstochtelijk van hypocrisie en heeft niet de bedoeling die harde woorden af te zwakken. Zou ik, als ik deze tekst zelf had gelezen, niet in de verleiding zijn gekomen om de bladzijde om te slaan en iets te zoeken dat meer naar mijn smaak was?

Raken Jezus’ woorden een snaar in mij? Spreekt Hij tot mij? Spreekt Hij over mensen die ik ken? Of spreekt Hij zelfs over mij?

Terwijl ik weer luister, probeer ik de scène binnen te gaan: ik stel mijzelf voor in die menigte. Jezus’ stem is hard. Hij maakt die schokkende beschuldigingen! Ik zie hoe de mensen reageren.

Nu maak ik gebruik van deze gelegenheid om diep in mijn hart te kijken, met moed en met vertrouwen in God. Ik probeer mijzelf te zien zoals God mij ziet, met al mijn sterke punten en zwakheden. Ik laat mijn diepste gedachten naar de oppervlakte komen en deel ze met God. Ik vertel Hem hoe ik mij over dit alles voel.